De gemeente Wageningen heeft in haar omgevingsvisie de beleidsvoornemens uit de eerder vastgestelde ‘Visie buitengebied’ (2020) en de ‘Visie bebouwde kom’ (2024) overgenomen. Voor deze visies zijn destijds geen milieueffectrapportages opgesteld. In het omgevingseffectrapport bij de nieuwe omgevingsvisie zijn de effecten op de leefomgeving onderzocht van beleid dat feitelijk al is uitgewerkt en vastgelegd.
Hoofdpunten uit het advies
Toetsingsadvies:
In het omgevingseffectrapport bij de nieuwe omgevingsvisie zijn de effecten op de leefomgeving onderzocht van beleid dat feitelijk al is uitgewerkt en vastgelegd.
Dit proces brengt volgens de Commissie risico’s met zich mee bij de verdere uitwerking van de omgevingsvisie in omgevingsprogramma’s. Het rapport laat zien dat de beleidsvoornemens ambitieus zijn, terwijl de fysieke ruimte beperkt is. Zo kunnen ambities op het gebied van woningbouw, parkeren en de hoofdgroenstructuur bij de verdere uitwerking conflicteren. Dat maakt de haalbaarheid van de gemeentelijke doelen onzeker. De Commissie adviseert nader onderzoek te doen naar de conflicten, voordat de omgevingsvisie wordt vastgesteld en omgevingsprogramma’s worden opgesteld.
De Commissie wijst verder in haar advies op de onvolledigheid van het omgevingseffectrapport. Zo is de diepgang van de foto van de leefomgeving onvoldoende. Ook zijn alleen alternatieven onderzocht voor de visies ‘Buitengebied’ en ‘Bebouwde kom’, en niet voor de hele omgevingsvisie. En tenslotte zijn de effecten van de omgevingsvisie te oppervlakkig beoordeeld, terwijl voor concrete (locatie-)keuzes meer gedetailleerde milieu-informatie nodig is om het milieubelang bij het besluit volwaardig mee te kunnen wegen.