2483. Bestemmingsplan Buitengebied Zuid-Oost Enschede

De gemeente Enschede wil een nieuw bestemmingsplan voor het buitengebied opstellen. Hiervoor wordt een plan-m.e.r.-procedure doorlopen omdat het bestemmingsplan mogelijk effecten heeft op Natura 2000-gebieden. Het MER dient ter onderbouwing van de besluitvorming over het bestemmingsplan.

Procedure en adviezen

Reikwijdte en detailniveau
07-10-2010 Datum kennisgeving
07-10-2010 Ter inzage legging van de informatie
08-10-2010 Adviesaanvraag
09-12-2010 Advies uitgebracht
Advies over reikwijdte en detailniveau
Toetsing
15-06-2012 Aanvraag toetsingsadvies bij de Commissie m.e.r.
20-06-2012 Kennisgeving MER
21-06-2012 Ter inzage legging MER
17-09-2012 Toetsingsadvies uitgebracht
Toetsingsadvies

Opmerkingen bij de advisering

Toetsingsadvies
De Commissie heeft bij de toetsing van het MER tekortkomingen geconstateerd, die zij essentieel acht voor het volwaardig meewegen van het milieubelang bij de besluitvorming. De tekortkomingen betreffen:

  • De maximale mogelijkheden van het plan zijn onvoldoende (navolgbaar) in beeld gebracht, waaronder volledige benutting van bouwvlakken voor veehouderij en andere activiteiten met aanzienlijke milieugevolgen waaronder windenergie, delfstofwinning en fruit- en boomteelt.
  • De gehanteerde referentiesituatie is niet correct, waardoor de werkelijke effecten van het voornemen worden onderschat.
  • Er zijn geen alternatieven onderscheiden waarmee de gemeente ontwikkelingen actief stuurt, terwijl er alternatieven denkbaar zijn die minder milieugevolgen hebben.
  • De gevolgen voor de natuur (Natura 2000-gebieden, Ecologische Hoofdstructuur en soorten) zijn onvoldoende in beeld gebracht.
  • Geurhinder is niet in beeld gebracht.
  • De gevolgen voor het landschap en archeologie zijn onvoldoende beschouwd.
  • De gevolgen voor de bodem en het water zijn onvoldoende inzichtelijk gemaakt.

De Commissie adviseert een aanvulling op het MER op te stellen voordat het besluit over het bestemmingsplan wordt genomen.

 

Advies Reikwijdte en detailniveau

De Commissie beschouwt de volgende punten als essentiële informatie in het MER:

  • Een onderbouwing van de totstandkoming van de scenario’s.
  • Een omschrijving en onderbouwing van de gehanteerde referentiesituatie.
  • De maximaal mogelijke effecten van het voornemen op natuur, door o.a. depositie van verzurende/vermestende stoffen op de Natura 2000-gebieden in Nederland en Duitsland.
  • Een publieksvriendelijke en zelfstandig leesbare samenvatting, met voldoende onderbouwend kaartmateriaal en ondersteunend beeldmateriaal.

Betrokken partijen

Samenstelling van de laatste werkgroep

mw. ing. E.E.M. Coopmann- van Overbeek
dhr. drs. G. Gabry
dhr. drs. R.J.M. Kleijberg

Voorzitter: dhr. dr. D.K.J. Tommel
Werkgroepsecretaris: mw. drs. J.P. Siedsma

Initiatiefnemer en Bevoegd gezag

Initiatiefnemer
Gemeente Enschede

Bevoegd gezag
Gemeente Enschede

Overige gegevens

Gebied: Nederland, provincie Overijssel


Categorieën Besluit m.e.r.

Code Omschrijving
003.1 tot 1-4-2011: Vrijwillig advies r&d of richtlijnen
007.3 Plan-m.e.r. vanwege passende beoordeling

Bijgewerkt op: 30 nov 2012