1204. Modificatie hogefluxreactor (HFR) Petten

Het Gemeenschappelijk Centrum voor Onderzoek (GCO) als vergunninghouder en de Nuclear Research and consultancy Group (NRG) als bedrijfsvoerder hebben het voornemen om van hoog verrijkt uranium (HEU: high enriched uranium) om te schakelen op laag verrijkt uranium (LEU: low enriched uranium) als splijtstof voor de Hoge Flux Reactor (HFR) te Petten. Daarnaast worden aanpassingen in de HFR voorzien, die bedoeld zijn om de veiligheid verder te verhogen en die voortvloeien uit een veiligheidsevaluatie van de gehele installatie. De revisievergunning zal worden overgedragen van GCO aan NRG. 

Procedure en adviezen

Richtlijnen
01-11-2001 Datum kennisgeving
16-01-2002 Advies uitgebracht
Richtlijnen
Toetsing
24-02-2004 Datum kennisgeving
04-05-2004 Advies uitgebracht
Toetsing

Opmerkingen bij de advisering

Richtlijnenfase Met betrekking tot de conversie van de HFR van hoog naar laag verrijkte splijtstof dient in het MER te worden beschreven wat de effecten van die conversie zijn op (a) de reactorfysische en thermohydraulische karakteristieken van de reactor, (b) de veiligheidsmarges tijdens de normale bedrijfsvoering van de reactor en de kans op storingen en ongevallen en (c) het verloop van denkbare en hypothetische ongevalssituaties, en de mogelijke (radioactieve) emissies naar de omgeving. 

Met betrekking tot de veiligheidstechnische verbeteringen van de reactor dienen de resultaten te worden beschreven van de nog lopende veiligheidsevaluatie van de HFR, uitmondende in een overzicht van de verbeteringen die in het belang van een verhoogde veiligheid en/of betrouwbaarheid van de reactor zouden kunnen worden uitgevoerd, alsmede een gemotiveerde keuze van de feitelijke verbeteringen, die in het kader van de voorgenomen activiteit worden voorgesteld.

Toetsingsfase Het detailniveau van het MER zelf is deels beperkt: zo zijn vaak alleen resultaten en conclusies weergegeven, zonder of met summiere onderbouwing van de wijze waarop deze zijn verkregen. De initiatiefnemer beoogt hiermee - getuige haar toelichting - de toegankelijkheid van het MER voor een breed publiek te vergroten. De Commissie acht niettemin ter verkrijging van voldoende inzicht in het voornemen en de effecten daarvan, de onderbouwing van de gepresenteerde resultaten van belang. Daartoe is het noodzakelijk gebleken de overige bij de vergunningaanvraag gevoegde documenten te raadplegen. Om die reden zijn naast het MER ook de overige bij de vergunningaanvraag gevoegde documenten in de toetsing betrokken. Het MER en de overige documenten geven een voldoende beschrijving van de voorgenomen activiteit, van de alternatieven en van de effecten daarvan op het milieu.

Evaluatie In de vergunning is opgenomen dat een evaluatieonderzoek naar de daadwerkelijke milieugevolgen van de voorgenomen activiteiten dient plaats te vinden. Dit onderzoek is uitgevoerd en heeft betrekking op de periode vanaf de aanvang van het conversietraject (oktober 2005) tot en met 2 jaar nadat de conversie is voltooid (mei 2008). Belangrijkste conclusie uit het onderzoek is dat met de conversie geen grotere milieugevolgen zijn opgetreden dan in het MER waren voorspeld.

Betrokken partijen

Samenstelling van de laatste werkgroep

Werkgroeplid
dhr. dr. C.E. Rasmussen
dhr. ir. R.J. Swanenburg de Veye

Voorzitter van de werkgroep: mw. drs. J.G.M. van Rhijn
Secretaris van de werkgroep: dhr. drs. M.P. Laeven

Initiatiefnemer en Bevoegd gezag

Initiatiefnemer
Nuclear Research and consultancy Group (NRG)

Bevoegd gezag
Ministerie van Economische Zaken
Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit
Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid
Ministerie van Volkhv., R.O. en Milieubeheer
Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport
Rijkswaterstaat

Overige gegevens

Gebied: Nederland, provincie Noord-Holland

Categorie├źn Besluit m.e.r.

Code Omschrijving
D22.3 tot 1-4-2011: Kernenergiecentrale: wijzigen of ontmantelen

Bijgewerkt op: 10 jul 2018