646

Herinrichting Krimpenerwaard

Deze landinrichting betreft een herinrichting met een oppervlakte van 12070 ha. 

 

Hoofdpunten uit het advies

De Commissie beoordeelde het VOP/MER als voldoende, waarbij de beide beschreven al ter na tie ven correct de bandbreedte aangeven waar binnen de be sluitvorming kan plaatsvinden. Ook het detailniveau van de effectbeschrijving sluit goed aan bij het ka rak ter van het voorontwerp. Over de wijze van waardering van de gevolgen merkt de Commissie op dat de sec torale wij ze van beoordeling van de milieueffecten on gewild met zich meebrengt dat een alternatief met de voor keur voor func tiescheiding (in casu het alternatief ‘Nieu we Fase’) be ter scoort dan andere alternatieven. Eén van de aan be velingen voor de verdere besluitvorming betreft het be stu deren van de gevolgen van de con tinue bodemdaling op de lange termijn en de uitkomsten daarvan te be trek ken bij de keuze van de inrichtingsmaatregelen. De provincie onderschrijft in haar tussentijdse reactie op de voorstellen van de land in richtingscommissie de keuze voor het alternatief met func tiescheiding. Zij geeft daarbij een aantal aan dachts punten voor de uitwerking van het ontwerpplan. Daar bij worden de aandachtspunten voor de verdere plan uitwerking die zijn gegeven in het toetsingsadvies van de Commissie door de provincie onderschreven 

Het ontwerpbesluit gaat uit van het voorkeursalternatief, te weten het alternatief Nieuwe Fase uit het MER. Een aantal maatregelen, w.o. de inrichting van de waterhuishouding en het beheer van de reservaten zijn enigs zins gewijzigd ten opzichte van het voorkeursalternatief uit het MER.

 

 

Samenstelling van de laatste werkgroep

drs. Peter van den Dries

ir. Hermans

ir. Erik van Slobbe

voorzitter

ing. Emile Mastenbroek

werkgroepsecretaris

mr. Rolf-Jan Sielcken

Projectinformatie

Bevoegd gezag

Provincie Zuid-Holland

Initiatiefnemer

landinrichtingscommissie Krimpenerwaard

Laatste advies uitgebracht op

15 augustus 1996