2293. Bestemmingsplan buitengebied Hoogezand-Sappemeer

De gemeente Hoogezand-Sappemeer wil haar bestemmingsplan Buitengebied herzien. Omdat de gemeente Hoogezand-Sappemeer ook bezig is met het vaststellen van een structuurvisie (zie ook projectnummer 1969) en er zowel samenhang bestaat tussen de plannen als overlap in de plangebieden heeft de Commissie voor de m.e.r. (de Commissie) niet alleen gekeken naar de afzonderlijke plannen maar ook naar de samenhang daartussen.

Procedure en adviezen

Reikwijdte en detailniveau
25-06-2009 Adviesaanvraag
25-06-2009 Datum kennisgeving
25-06-2009 Ter inzage legging van de informatie
31-08-2009 Advies uitgebracht
Advies reikwijdte en detailniveau
Toetsing planMER
02-12-2009 Aanvraag toetsingsadvies bij de Commissie m.e.r.
Aanvulling op het PlanMER
13-04-2010 Aanvraag toetsingsadvies bij de Commissie m.e.r.
01-06-2010 Toetsingsadvies uitgebracht
Toetsingsadvies

Opmerkingen bij de advisering

De Commissie adviseert in het MER onder meer een beschrijving van de visie waaruit de diverse ontwikkelingen vorm krijgen op te nemen. Daarnaast is inzicht in welke gebieden wel en geen ruimte aanwezig is om de aardgasexploratie en -exploitatie en de recreatieve ontwikkelingen te realiseren van belang. Ook is van belang in te gaan op de beoordeling van de effecten van de planonderdelen en alternatieven afzonderlijk en in onderlinge samenhang, onder meer op aanwezige natuurgebieden zoals de Natura 2000-gebieden “Zuidlaardermeergebied” en “Drentsche Aa-gebied”.

Het toetsingsadvies gaat in op het MER bij de structuurvisie en op het MER bij het bestemmingsplan buitengebied. 

Tijdens de toetsing heeft de gemeente nadere informatie aangeleverd over:
• de samenhang tussen de structuurvisie en het bestemmingsplan;
• de effecten op natuur, de passende beoordelingen;
• de klimaatbestendigheid van de ontwikkelingen in de structuurvisie. 

De Commissie is van mening dat in de MER’en en de aanvullende informatie tezamen de essentiële informatie aanwezig is om het milieubelang voldoende mee te wegen in de besluitvorming over de structuurvisie en het bestemmingsplan.

In de aanvullende notitie is de samenhang tussen bestemmingsplan en structuurvisie concreet, tot op activiteitenniveau, uitgewerkt. Hiermee is inzichtelijk gemaakt welke planelementen wel en welke niet strijdig zijn met elkaar en wat de cumulatieve effecten zijn.

Inzicht is gegeven in de effecten van de waterrecreatie en daarmee samenhangende nieuwe waterverbinding met het Zuidlaardermeer op de natuur. Vanwege de wezenlijke invloed op de natuur zijn randvoorwaarden gegeven waaronder de planvorming van de woningbouw “de Groene Compagnie” doorgang kan vinden. Deze randvoorwaarden betreffen o.a. een gescheiden waterhuishouding met het Zuidlaardermeer (als andere eutrofiering beperkende maatregelen bij nadere studie onvoldoende blijken) en het afsluiten van rietkragen voor recreanten. De Commissie wijst erop dat deze maatregelen mogelijk gevolgen hebben voor het stedenbouwkundig plan.

Uit de passende beoordelingen blijkt dat de plannen een lichte toename in de depositie van vermestende stoffen op omliggende Natura 2000-gebieden “Zuidlaardermeergebied” en “De Drentsche Aa” kunnen geven.

Verder is aannemelijk gemaakt dat de verschillende plannen geen significante gevolgen zullen hebben op de kwalificerende populatie van ganzen in het Vogelrichtlijngebied Leekstermeer.


De aanvullende informatie heeft niet ter visie gelegen. Daarom heeft de Commissie geen zienswijzen over de aanvulling in haar advies mee kunnen nemen. De Commissie adviseert deze aanvulling zo spoedig mogelijk openbaar te maken.

Betrokken partijen

Samenstelling van de laatste werkgroep

dhr. ir. J.J. Bakker
dhr. ing. H.H. Ellen
dhr. drs. ing. L. Oprel

Voorzitter: dhr. mr. F.W.R. Evers
Werkgroepsecretaris: mw. ir. C.T. Smit

Initiatiefnemer en Bevoegd gezag

Initiatiefnemer
Gemeente Hoogezand-Sappemeer

Bevoegd gezag
Gemeente Hoogezand-Sappemeer

Overige gegevens

Gebied: Nederland, provincie Groningen


Categorie├źn Besluit m.e.r.

Code Omschrijving
007.1 Plan-m.e.r. vanwege kaderstelling en passende beoordeling
C14.0 tot 1-4-2011: Pluimvee- of varkensfokkerij, -mesterij, of -houderij: oprichten, wijzigen of uitbreiden (drempels zie Besluit m.e.r.)
D11.4 tot 1-4-2011: Glastuinbouwgebied >= 50ha: aanleg, wijziging of uitbreiding
D14.0 tot 1-4-2011: Pluimvee- of varkensfokkerij, -mesterij of -houderij: oprichten, wijzigen, of uitbreiden (drempels zie Besluit m.e.r.)

Bijgewerkt op: 26 mei 2021