1614. Woningbouw en bedrijventerrein Bavel-Zuid en Lijndonk-Tervoort

Bouw van maximaal 4000 woningen en ontwikkeling van maximaal 170 ha. bedrijventerreinen ten zuiden van Bavel resp. in het gebied rond Lijndonk en Tervoort.

Procedure en adviezen

Richtlijnen
01-06-2005 Datum kennisgeving
01-06-2005 Ter inzage legging van de informatie
14-07-2005 Advies uitgebracht
Richtlijnen
Toetsing
07-06-2006 Kennisgeving MER
07-06-2006 Ter inzage legging MER
Toetsing aanvulling op het MER
22-09-2006 Toetsingsadvies uitgebracht

Opmerkingen bij de advisering

In de startnotitie is tevens een milieurapport op grond van de richtlijn voor Strategische Milieubeoordeling opgenomen, die door de Commissie separaat is beoordeeld (zie voor die beoordeling onder nummer 1610 op de website van de Commissie: www.commissiemer.nl).

De gemeente Breda bereidt verschillende (vrijstellingen van) bestemmingsplannen voor om deze uitbreiding mogelijk te maken. Het MER dient voor de onderbouwing van de voorgestelde woningbouw en bedrijventerreinen in deze bestemmingsplannen. Het MER wordt gelijktijdig ter inzage gelegd met het eerste besluit dat een deel van de ontwikkeling mogelijk maakt: de vrijstelling van het bestemmingsplan voor het gebied Roosberg - Daalakker. In de ruimtelijke onderbouwing van dit bestemmingsplan wordt aanvullende milieu-informatie gegeven. De Commissie heeft deze bij de toetsing betrokken.

Bij de beoordeling van het MER constateerde de Commissie een belangrijke tekortkoming wat betreft de negatieve effecten van de nieuwe ontsluitingsweg op het gewenste groenblauwe raamwerk. Het MER geeft te weinig informatie over de omvang van die effecten en wat hier aan te doen zou zijn. Dit is belangrijke informatie voor de afweging tussen alternatieven, omdat verschillende alternatieven tot verschillende effecten kunnen leiden. Op grond hiervan heeft de gemeente een aanvulling op het MER geschreven, die door de Commissie bij de toetsing is betrokken.

De Commissie concludeert dat in het MER en de aanvulling alle essentiële informatie wordt gegeven. Daarbij geeft zij een aantal aanbevelingen, waarvan de belangrijkste gaan over maatregelen om wateroverlast en sluipverkeer te voorkomen, OV- en fietsverbindingen te optimaliseren en voldoende verkeersveiligheid te realiseren.

Een aandachtspunt is dat de alternatieven moeilijk met elkaar vergelijkbaar zijn omdat ze uitgaan van verschillende bouwopgaven. Bij het meest milieuvriendelijke alternatief wordt bijvoorbeeld minder bedrijventerrein gerealiseerd dan bij het voorkeursalternatief. Dit is geen essentiële tekortkoming, omdat voldoende inzicht wordt geboden hoe het voorkeursalternatief zo milieuvriendelijk mogelijk kan worden gemaakt.

Betrokken partijen

Samenstelling van de laatste werkgroep

dhr. ir. J.A. Huizer
dhr. drs. J.A.A.M. Leemans
dhr. ir. E. Mackay
dhr. ing. B.P.A. Peters
dhr. ir J.H.A. Wijbenga

Voorzitter: mw. drs. L. van Rijn-Vellekoop
Werkgroepsecretaris: dhr. drs. R.A.A. Verheem

Initiatiefnemer en Bevoegd gezag

Initiatiefnemer
College van B&W van Breda

Bevoegd gezag
Gemeenteraad van Breda

Overige gegevens

Gebied: Nederland, provincie Noord-Brabant


Categorieën Besluit m.e.r.

Code Omschrijving
C11.1 tot 1-4-2011: Bouw >= 4000 woningen binnen, of >= 2000 woningen buiten bebouwde kom
C11.2 tot 1-4-2011: Aanleg bedrijventerrein >= 150ha

Bijgewerkt op: 05 feb 2008