586

Landinrichting Land van Maas en Waal

De ruilverkaveling van een deel van het Land van Maas en Waal betreft een oppervlakte circa 8.770 ha. Omdat het gebied een overwegend agrarische func tie heeft is gekozen voor het instrument ruilverkaveling. 

 

Hoofdpunten uit het advies

De doelstelling instandhouden van het leefgebied voor weidevogels kan volgens de Commissie niet worden gerealiseerd omdat zij van mening is dat de situatie voor weidevogels zowel in het voorkeursalternatief als in het meest milieuvriendelijk alternatief (MMA) verder verslechtert. Dit ondanks de voorgestelde peilverhoging (onderdeel van het MMA) in het door de provincie aangewezen weidevogelgebied het Leeuwensche Veld. Dit is het gevolg van een intensivering van het grondgebruik door vergroting van de huiskavels, aantasting van de openheid door de aanleg van nieuwe boerderijen en lanen, en de ontwikkeling van opgaande begroeiing in de ecologische verbindingszones. Indien de N322 zoals gepland wordt aangelegd betekent dit een verstoring van de weidevogelpopulatie door het verkeer. Op basis van de actuele en potentiële waarden geeft de Commissie in overweging om het gebied de Bering te ontwikkelen als weidevogelgebied en hiervoor doet zij concrete aanbevelingen.  

 

Samenstelling van de laatste werkgroep

dr. Louis Fliervoet

ir. Hermans

ir. Ton van der Maarel

ir. Lodewijk van Nieuwenhuijze

voorzitter

dr. Jacques de Smidt

werkgroepsecretaris

dr. Arend Kolhoff

Projectinformatie

Bevoegd gezag

Gelderland

Initiatiefnemer

Landinrichtingscommissie Land van Maas en Waal

Laatste advies uitgebracht op

23 december 1997