Eni Energy Netherlands wil uit maximaal drie putten aardgas winnen uit een "klein veld” in de Noordzee. Het gas gaat naar het productieplatform L7-F. Dit bestaat uit een nieuwe onderbouw en een hergebruikte bovenbouw van een bestaand platform. Na behandeling op het platform gaat het gas via een nieuwe onderzeese aardgasleiding en een bestaande leiding naar land. Voordat de minister besluit over het project en de vergunningen, zijn de milieugevolgen onderzocht in een milieueffectrapport.
Hoofdpunten uit het advies
Toetsingsadvies
Het rapport geeft een duidelijke beschrijving van de installaties voor gasproductie, de aanleg van de aardgasleiding en de emissies. Wel is nog meer inzicht nodig in de verspreiding van de beschermde zeekoet over het gebied. Het is nu onduidelijk hoeveel vogels er rond het platform leven en effecten ervan ondervinden. Ook de verspreiding van een aantal andere vogelsoorten en het effect van verstoring en mogelijke sterfte is nu niet in beeld gebracht. Verder is het MER niet duidelijk over alle milieueffecten samen. Tot slot geeft het milieueffectrapport geen inzicht in effecten van de gaswinning bij de verbranding van gas door de eindgebruikers, de zogenaamde scope 3-effecten.
De Commissie adviseert het milieueffectrapport met deze gegevens aan te vullen en dan pas een besluit te nemen over de gaswinning.