De NAM startte in 2007 met winning van aardgas in het Waddenzeegebied volgens het ‘hand aan de kraan‘-principe. Dit betekent dat aardgaswinning toegestaan is, maar teruggebracht wordt bij teveel bodemdaling of aantasting van de natuur in de Waddenzee. Om dit te controleren voert de NAM een uitgebreid monitoringprogramma uit. De Commissie m.e.r. controleert als Auditcommissie jaarlijks de kwaliteit van de monitoring op verzoek van de minister van Economische zaken en Klimaat.
Hoofdpunten uit het advies
Oordeel over het monitoringjaar 2017
Volgens de rapportage 2017 van de NAM blijft de bodemdaling door gaswinning onder de Waddenzee binnen de toegestane grenzen. De Commissie vindt de conclusie aannemelijk. De NAM concludeert ook dat er in 2017 geen aanwijzingen zijn voor veranderingen in natuur die het gevolg zouden kunnen zijn van de gaswinning. De Commissie vindt deze conclusie te stellig. In de rapportage over het meetjaar 2017 is namelijk gesignaleerd dat de vogelsoorten kluut en kanoet in aantal teruglopen terwijl ze elders in de Waddenzee minder sterk afnemen of zelfs toenemen. De conclusie van de NAM dat deze afname het gevolg is van natuurlijke fluctuaties, is daarom voorbarig. De Commissie adviseert in de rapportage over 2018 nader onderzoek hiernaar uit te laten voeren. Inmiddels is de afgelopen jaren uit de velden Moddergat, Nes, Lauwersoog C, Lauwersoog West, Lauwersoog Oost en Vierhuizen Oost in totaal ongeveer 19 miljard Nm
3 gas gewonnen. Volgend jaar vindt de derde evaluatie van het monitoringprogramma plaats. Het programma heeft geleid tot meerjarige meetreeksen op diverse onderdelen. De Commissie vraagt in haar advies aandacht voor een integrale analyse van de monitoringresultaten. Hiermee moet niet alleen duidelijk worden in hoeverre de NAM met het monitoringprogramma in staat is om trendmatige veranderingen van de meetresultaten vast te stellen, maar ook of deze kunnen worden verklaard.