De NAM startte in 2007 met winning van aardgas in het Waddenzeegebied volgens het ‘hand aan de kraan’-principe. Dit betekent dat aardgaswinning toegestaan is, maar teruggebracht wordt bij teveel bodemdaling of aantasting van de natuur in of rondom de Waddenzee. Om dit te controleren voert de NAM een uitgebreid monitoringsprogramma uit. De resultaten daarvan worden jaarlijks gerapporteerd. Afgelopen jaar heeft de NAM ook het monitoringprogramma over de periode 2013-2019 geëvalueerd. Minister Wiebes van Economische Zaken en Klimaat had de Auditcommissie gevraagd om beide rapportages te toetsen.
Hoofdpunten uit het advies
Advies Auditcommissie over monitoringsjaar 2018De Commissie vindt dat het huidige monitoringsprogramma een goede basis biedt om eventuele trendmatige veranderingen in bodemdaling en natuur te kunnen verklaren. Toch zijn er nog vragen bij de effecten van de gaswinning op de lange termijn. Zo is niet zeker of de druk in watervoerende lagen in de diepe ondergrond kan afnemen, met extra bodemdaling tot gevolg. Bovendien is meer inzicht nodig in welke mate de bodemdaling doorgaat nadat de gaswinning is gestopt. Ook de mogelijk versnelde zeespiegelstijging vraagt om extra aandacht. De Commissie adviseert om in komende rapportages te onderzoeken of het ‘hand aan de kraan’-principe ook de langetermijngevolgen voor de natuur voldoende kan beheersen. Zij ziet op dit moment overigens geen aanleiding de effectiviteit van het principe in twijfel te trekken.