Om in 2044 klimaatneutraal te zijn, stelt de gemeente Breda een warmteprogramma op. Hierin bepaalt ze voor verschillende deelgebieden van de gemeente de voorkeursoplossing voor de warmtevoorziening van gebouwen. Zoals de installatie van een warmtepomp of de aansluiting op een warmte- of bronnet. Ook stelt het warmteprogramma een fasering vast van aan te pakken wijken. Voordat de gemeenteraad besluit over het bestemmingsplan, zijn de milieugevolgen onderzocht in een milieueffectrapport.
Hoofdpunten uit het advies
Advies reikwijdte en detailniveau:
De Commissie adviseert om, voor zover mogelijk, het opstellen van het warmteprogramma te laten voorafgaan door een onderzoek naar de beschikbare warmtebronnen. Dit is bepalend voor de haalbaarheid van keuzes die in het warmteprogramma worden gemaakt. Het beter isoleren van gebouwen beschouwt de Commissie als een volwaardig onderdeel van het warmteprogramma. Hetzelfde geldt voor het bieden van koeling, omdat de vraag daarnaar waarschijnlijk zal toenemen in de komende jaren. Voor deze twee aspecten en voor de fasering van aan te pakken wijken, adviseert de Commissie om alternatieven te onderzoeken. Zo wordt het speelveld geheel gedekt. De Commissie kan zich grotendeels vinden in de onderzoeksopzet van de gemeente, die deels gebaseerd is op de modelrapportage van het NPLW1. Wel adviseert ze om afwijkingen daarvan, zoals de gehanteerde methodologie voor de indeling in deelgebieden, goed te onderbouwen. De Commissie benadrukt ook het belang om niet alleen de effecten van individuele bouwstenen voor warmtebronnen en -technieken te beoordelen, maar ook van combinaties daarvan, in de vorm van samengestelde alternatieven. Tenslotte moet bijzondere aandacht worden besteed aan de thema’s bodem, water en ondergrond, geluid, natuur en cultureel erfgoed.