3449. Programma Integraal Riviermanagement (IRM)

Het Rijk stelt in samenwerking met provincies en waterschappen een programma op voor integraal riviermanagement. Dit programma richt zich op ontwikkelingen in het rivierengebied (Rijn en Maas) in de periode tot 2050 met een doorkijk tot 2100. De belangrijkste ontwikkelingen hebben te maken met waterveiligheid, laagwaterproblematiek, scheepvaart, zoetwatervoorziening, waterkwaliteit en natuur. Voor de besluitvorming over het programma wordt een plan-m.e.r.-procedure doorlopen.

Procedure en adviezen

Reikwijdte en detailniveau
07-01-2020 Adviesaanvraag bij de Commissie m.e.r.
22-01-2020 Ter inzage legging van de informatie over het voornemen

Opmerkingen bij de advisering

Reikwijdte en detailniveau
De Commissie werkt op dit moment aan het advies over de inhoud van het milieueffectrapport.

Betrokken partijen

Samenstelling van de laatste werkgroep

Werkgroeplid
dhr. drs. D.J.F. Bel
dhr. drs. G.B. Dekker
dhr. ir. C. van der Giessen
dhr. ing. R.L. Vogel

Voorzitter van de werkgroep: dhr. E. van der Burg
Werkgroepsecretaris: dhr. drs. P.J. Jongejans

Initiatiefnemer en Bevoegd gezag

Initiatiefnemer
Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat
Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (LNV)
Provincie Gelderland
Provincie Limburg
Provincie Noord-Brabant
Provincie Overijssel
Provincie Zuid-Holland

Bevoegd gezag
Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat

Overige gegevens

Gebied: Nederland, niet provinciaal ingedeeld gebied


Categorie├źn Besluit m.e.r.

Code Omschrijving
007.1 Plan-m.e.r. vanwege kaderstelling en passende beoordeling
C16.1 2018: ontginning of wijziging of uitbreiding ontginning van steengroeven of dagbouwmijnen, inclusief winning oppervlaktedelfstoffen uit landbodem (anders dan 16.2 of 16.4) >25 ha terreinopp
C19.1 2018: aanleg, wijziging of uitbreiding van werken voor wateroverbrenging tussen stroomgebieden ter voorkoming waterschaarste, >= 100 milj m3 per jaar, muv via leidingen aangevoerd drinkwater
C19.2 2018: aanleg, wijziging of uitbreiding van werken voor wateroverbrenging niet ter voorkoming van waterschaarste (muv via leidingen aangevoerd drinkwater), als meerjarig gemiddelde jaardebiet uit bekken >2 miljard m3 debiet en >5% overschrijding debied
D03.1 2018: aanleg, wijziging of uitbreiding binnenvaarweg voor schepen met laadvermogen >=900 ton of als opp >=25 ha
D03.2 2018: aanleg, wijziging of uitbreiding van werken inzake kanalisering of ter beperking van overstromingen, inclusief primaire waterkeringen en rivierdijken

Bijgewerkt op: 27 jan 2020