3105. Nationale Omgevingsvisie (NOVI)

De minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) wil in 2019 in de Nationale Omgevingsvisie (NOVI) haar strategische beleidskeuzen voor de lange termijn vastleggen voor de fysieke leefomgeving. In haar brief aan de Tweede Kamer van 13 april 2018 heeft de minister voor de NOVI de vier prioriteiten aangegeven, namelijk het realiseren van een duurzaam economisch groeipotentieel, ruimte voor de klimaat- en energietransitie, sterke, leefbare en klimaatbestendige steden en regio’s en een toekomstbestendige ontwikkeling van het landelijk gebied. Voordat de minister besluit over de NOVI worden de milieugevolgen onderzocht in een milieueffectrapport. De minister heeft de Commissie m.e.r. gevraagd het milieueffectrapport te toetsen.

Procedure en adviezen

Advies beoordelingskader
18-11-2015 Adviesaanvraag bij de Commissie m.e.r.
01-02-2016 Aankondiging start procedure
12-04-2016 Advies reikwijdte en detailniveau uitgebracht
Advies beoordelingskader milieueffectrapport
Persbericht
Reikwijdte en detailniveau
10-04-2018 Adviesaanvraag bij de Commissie m.e.r.
19-04-2018 Aankondiging start procedure
20-04-2018 Ter inzage legging van de informatie over het voornemen
09-07-2018 Advies reikwijdte en detailniveau uitgebracht
Advies reikwijdte en detailniveau
Persbericht
Toetsing
20-08-2019 Ter inzage legging MER
15-11-2019 Toetsingsadvies uitgebracht
Toetsingsadvies
Persbericht

Opmerkingen bij de advisering

Toetsingsadvies
De Commissie adviseert het milieueffectrapport voor de NOVI aan te passen. Het rapport moet duidelijker maken hoe de verschillende rijksdoelen voor de leefomgeving met elkaar verenigbaar zijn, gezien de beperkte ruimte in Nederland.
Het Rijk kiest in de NOVI voor ambitieuze doelen: Ruimte voor klimaatadaptatie en energietransitie, Duurzaam economisch groeipotentieel voor Nederland, Sterke en gezonde steden en regio’s en Toekomstbestendige ontwikkeling van het landelijk gebied. Deze doelen botsen soms onderling. Zo geeft de NOVI aan dat de rijksoverheid streeft naar een vrijwel emissieloze kringlooplandbouw en naar grondgebonden en natuurinclusieve landbouw. Dit kan onderling én met doelen voor natuur en landschap botsen. De doelen vragen nu, op nationaal niveau, om nadere uitwerking om te bepalen of én hoe deze doelen samen passen in Nederland. De informatie in het milieueffectrapport is daarvoor nog onvoldoende concreet. Slimme combinaties van functies zijn nodig voor het halen van doelen, maar zijn nog niet genoeg onderzocht. De Commissie adviseert het rapport hierop aan te passen en daarna pas te besluiten over de NOVI.


Advies reikwijdte en detailniveau
Voor een zinvolle effectbeschrijving en een goede onderbouwing van keuzen zal in het milieueffectrapport eerst duidelijk moeten worden welke concrete doelen met de NOVI worden nagestreefd. De Commissie adviseert om op basis van deze concrete doelen en effecten op de leefomgeving, de keuzen die in de NOVI gemaakt worden, goed te onderbouwen. Dit kan door inzicht te geven in de effecten van verschillende beleidsopties die ‘de reële hoeken van het speelveld’ beslaan. Het advies van de Commissie geeft voorbeelden van deze ‘hoeken van het speelveld’. Bijvoorbeeld het bieden van maximale waterveiligheid in de vorm van onder andere ingrijpende dijkversterking óf maximaal ruimte bieden aan het water in de vorm van waterbergingscapaciteit en aangepast wonen. De bandbreedte in mogelijke effecten op de leefomgeving komt dan goed in beeld. Ook pleit de Commissie voor focus in de effectbeschrijving door selectief te zijn. Focus op enkele indicatoren die doorslaggevend zijn voor de kwaliteit van de leefomgeving. In veel gevallen zal een goed onderbouwd ‘expert judgement’ voldoende zijn. Daarmee wordt de effectbeschrijving toegankelijk en wordt onnodig onderzoek voorkomen.

Advies beoordelingskader en beoordelingssystematiek
De Commissie adviseerde in juni 2016 om het brede begrip leefomgevingskwaliteit centraal te stellen in het beoordelingskader van het milieueffectrapport. Aangesloten kan worden bij de doelen van de Omgevingswet gericht op een veilige en gezonde leefomgeving, een goede fysieke omgevingskwaliteit en doelmatig gebruik en beheer van de fysieke leefomgeving. Het advies geeft een eerste voorzet voor de vertaling van deze doelen in indicatoren. Wanneer de NOA in de loop van 2016 bekend wordt, volgt een definitief advies.
De Commissie adviseerde als eerste stap om een ‘foto’ van de huidige kwaliteit van de leefomgeving te maken en een ‘foto’ van de leefomgevingskwaliteit bij realisatie van al ingezet beleid. Deze foto’s geven inzicht in waar knelpunten bestaan of gaan ontstaan en waar verbeteringen voorzien zijn of mogelijk zijn.

Betrokken partijen

Samenstelling van de laatste werkgroep

Werkgroeplid
mw. ir. Y.C. Feddes
dhr. dr. Th. Fens
dhr. drs. S.R.J. Jansen
dhr. ir. R.P. Moens
dhr. prof.dr. G.P. van Wee
dhr. drs. R.A.M. van Woerden
dhr. dr. F. Woudenberg
dhr. drs. G. de Zoeten

Voorzitter van de werkgroep: dhr. dr. C.A. Linse
Werkgroepsecretaris: dhr. drs. B.L. Loeven, mw. drs. W. Smal

Initiatiefnemer en Bevoegd gezag

Initiatiefnemer
Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat

Bevoegd gezag
Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijkrelaties

Overige gegevens

Gebied: Nederland, niet provinciaal ingedeeld gebied


Bijgewerkt op: 15 nov 2019