Commissie m.e.r.

Commissie m.e.r. Jaarverslag 2018

De Commissie m.e.r. staat voor deskundigheid, integriteit en onafhankelijkheid. Bij het adviestraject voor de luchthaven Lelystad ontstond hierover in de zomer discussie. Minister van Nieuwenhuizen benadrukte het belang van de onafhankelijke positie van de Commissie. Zo kon de Commissie in 2018 haar taak ten volle uitvoeren voor een scala aan projecten en plannen. Daarbij werkte de Commissie aan de verdere ontwikkeling van het instrument milieueffectrapportage, zoals voor omgevingsplannen en omgevingsvisies. Dit krijgt verder vorm in 2019.

Wat onze internationale activiteiten betreft, vinden wij het belangrijk dat ze effectief bijdragen aan het Nederlandse buitenlandbeleid. In mei 2018 presenteerde minister Kaag haar nieuwe beleidsnota inclusief verschuiving van focusgebieden. We hebben daarom in de tweede helft van 2018 verkend in welke nieuwe focuslanden vraag is naar onze ondersteuning. Dit heeft bijvoorbeeld geleid tot nieuwe programma's in Guinee, Senegal en Niger en een vraag om samenwerking vanuit Irak, Libanon en Jordanië. Het is fantastisch om met nieuwe partners aan de slag te kunnen.

Adviezen Nederland

Minder verplichte en minder vrijwillige adviezen

201863 verplicht81 vrijwillig
201784 verplicht84 vrijwillig
201670 verplicht89 vrijwillig
  • Landelijk gebied
  • Water
  • Industrie & energie
  • Intensieve veehouderij
  • Infrastructuur
  • Woningbouw, stadsprojecten & bedrijventerreinen

Lees meer over onze adviezen

Daling aantal adviezen

We brachten in totaal 144 adviezen uit in 2018. Hiervan waren 63 adviezen verplichte toetsingen van milieueffectrapporten en 81 vrijwillige adviezen, zoals bij de start van een project over de reikwijdte en detailniveau van een milieueffectrapport of tussentijds bij belangrijke keuzes. Het totaal aantal adviezen daalde vergeleken met voorgaande twee jaar. In 2016 adviseerden we 159 keer en in 2017 was dat 168 keer.
De 63 adviezen over verplichte toetsingen van milieueffectrapporten is een behoorlijke daling vergeleken met de 84 toetsingen in 2017. Ook het aantal vrijwillige adviezen daalde. We brachten 81 vrijwillige adviezen uit. Dat zijn er minder dan de 89 vrijwillige adviezen in 2016 en de 84 adviezen in 2017.

Sterke stijging dijkversterkingen, minder woningen en windparken

Het aantal adviezen over reikwijdte en detailniveau van het milieueffectrapport voor waterprojecten, met name dijkversterkingen, steeg in 2018 naar 14 adviezen. In 2017 waren dit er vijf. De uitvoering van het Hoogwaterbeschermingsprogramma zorgde voor de toename in 2018.
We zagen een daling in het aantal toetsingen van milieueffectrapporten voor nieuwe woonwijken en bedrijventerreinen. In 2018 toetsten we hiervoor 13 milieueffectrapporten tegen 26 rapporten in 2017. Dit is opvallend gezien de ambities uit de Nationale Woonagenda om het woningtekort terug te dringen. Ook het aantal verplichte en vrijwillige adviezen over windturbineparken nam af: 23 adviezen in 2018 tegenover 32 adviezen in 2017. Dit komt waarschijnlijk doordat veel procedures voor windprojecten op land tot 2020 inmiddels doorlopen zijn en er nog geen nieuwe afspraken zijn voor de periode na 2020.

Minder adviezen aan gemeenten en Rijk

De Rijksoverheid vroeg in 2018 opvallend minder advies, namelijk 17 keer. In 2017 vroeg het Rijk nog 30 keer om een advies. Een mogelijke verklaring is het wachten op de Nationale Omgevingsvisie waardoor het Rijk minder plannen en projecten met bijbehorende milieueffectrapporten opstart.
Ook het aantal adviezen aan gemeenten nam met ruim een derde af: 68 adviezen in 2018 tegen 102 in 2017. Wreekt zich hier de tariefstelling? Uit het onderzoek van Berenschot bleek vorig jaar dat de tarieven voor veel gemeenten een hoge drempel zijn. Dit signaal horen we ook in onze contacten met vooral kleinere gemeenten. Er was wel een stijging van het aantal adviezen aan provincies: van 36 in 2017 naar 58 in 2018. Deze toename is toe te schrijven aan het Hoogwaterbeschermingsprogramma.

Invloed zienswijzen groter

In ruim 60 procent van de adviezen namen we zienswijzen mee, zowel bij de adviezen over reikwijdte en detailniveau als bij de toetsingsadviezen. Een duidelijke stijging, want in 2017 was dit voor beide type adviezen nog 50 procent. We hopen dat deze stijging doorzet en blijven het belang ervan benadrukken in onze contact met overheden. Want onze advisering wint aan kwaliteit als wij specifieke informatie uit zienswijzen kunnen meenemen.

33% van de milieueffectrapporten is volledig

In 67 procent van de getoetste milieueffectrapporten constateerden we belangrijke tekorten. Een lichte verbetering vergeleken met de 70 procent tekorten in 2017. In ruim 50 procent van de gevallen liet het bevoegd gezag de rapporten aanvullen en nogmaals door ons toetsen. Daarna was 80 procent van de rapporten compleet.
Er ontbrak, net als in voorgaande jaren, vooral informatie over stikstofbelasting op Natura2000-gebieden, over schade onder vogels en vleermuizen en over alternatieve, milieuvriendelijke oplossingen. Opvallend dit jaar was ontbrekende informatie over de effecten van geluid op de leefomgeving, zoals bij industrie, windturbines en (spoor)wegen. De vraag of het stiller kan of moet, blijft regelmatig onbeantwoord.

In 60% van de adviezen namen we zienswijzen mee. Zienswijzen zijn belangrijk voor onze advisering.

Luchthavens

Ambities klimaat en gezondheid te combineren met groei luchtvaart?

Kees Linse Kees Linse, voorzitter

'Er is behoefte aan een strategische, landsdekkende studie naar de voor- en nadelen van groei van de luchtvaart, waaruit eenduidige voorwaarden voor die groei worden afgeleid.'

Grote veranderingen in het gebruik van Lelystad Airport en vliegbasis Gilze Rijen en groeiambities van Schiphol, Eindhoven Airport en Rotterdam The Hague Airport. Beide leiden tot felle weerstand bij omwonenden en vaak ook bij omliggende gemeenten. Onzekerheid over de grenzen aan die groei, onduidelijkheid over de mate van overheidssturing en lokale ambities verklaren die weerstand.

In ons advies over het milieueffectrapport voor Lelystad Airport in juli pleitten wij voor een brede studie naar de gevolgen van de luchtvaart. Die studie moet de opties voor groei benoemen en de effecten onderzoeken en afwegen. Dan blijkt in hoeverre het Rijk zijn ambities op het gebied van bijvoorbeeld klimaat en gezondheid kan realiseren. Met zo'n strategische studie met milieueffectrapportage kan het Rijk zijn keuzes voor de ontwikkeling van de luchtvaart goed onderbouwen. De minister van Infrastructuur en Waterstaat heeft toegezegd in 2019 een dergelijke studie uit te voeren bij de luchtvaartnota 2020-2040.

In ons advies over Lelystad Airport benadrukten wij ook het belang van monitoring. Hierbij zijn onzekerheden in berekeningen te verkleinen, effecten bij te sturen en is te controleren of aan voorschriften wordt voldaan. De discussie over de uitkomsten van de belevingsvlucht laat zien dat meer duidelijkheid nodig is over de verhouding tussen rekenen en meten bij het beoordelen van de geluidbelasting. In toekomstige adviezen over de luchtvaart zullen we hier zeker bij stilstaan.

Pilots m.e.r. en Omgevingswet, concrete resultaten voor de m.e.r. praktijk

Roel Meeuwsen Roel Meeuwsen, werkgroepsecretaris

'De nieuwe manier van werken onder de Omgevingswet krijgt nu echt inhoud en met onze advisering leveren we daar een belangrijke bijdrage aan.'

Pilots m.e.r. en Omgevingswet

De Omgevingswet gaat in 2021 in werking. Deze nieuwe wet integreert verschillende 'ruimtelijke' wetten in één integrale wet. Er komen nieuwe instrumenten als omgevingsplannen, omgevingsvisies en programma's, die in de meeste gevallen m.e.r.-plichtig zijn. We experimenteren daarom al sinds 2016 in pilots met de nieuwe aanpak voor het milieueffectrapport.
In 2018 stond in het teken van de pilots Haven-Stad Amsterdam, Omgevingsvisie Katwijk en Omgevingsvisie Noord-Brabant. Dit leverde nieuwe interessante inzichten op. De Omgevingsvisie is vol in ontwikkeling. Thema's als energietransitie, klimaatadaptatie en sociale aspecten in de leefomgeving krijgen hierin een prominente plek.
De opgedane kennis en ervaringen uit de pilots delen we intensief met provincies, gemeenten en adviesbureaus, bijvoorbeeld tijdens adviestrajecten, congressen, kennissessies en via onze website. Daar staan ook vier nieuwe korte films over de pilots Haven-Stad, Rijssen-Holten, Katwijk en Binckhorst Den Haag.

33% van de milieueffectrapporten is compleet.

In 67% ontbreekt essentiële informatie.

Dijkversterking

Neem milieuinformatie op tijd mee in keuzes dijkversterking

Pieter Jongejans Pieter Jongejans, werkgroepsecretaris

'Tijdens het planproces voor dijkversterkingen worden vaak tussentijds belangrijke keuzes gemaakt. Een advies van de Commissie over deze tussentijdse keuzes kan nog meer waarde hebben dan een toetsingsadvies aan het einde.'

In 2018 adviseerden we over 18 verschillende dijkversterkingsprojecten, vooral langs de grote rivieren, maar ook langs het Markermeer, de Waddenzee en Westerschelde. Deze projecten maken deel uit van het landelijke hoogwaterbeschermingsprogramma (HWBP).

Meestal wordt het milieueffectrapport opgesteld voor een besluit over een projectplan Waterwet, dat dan al in detail is uitgewerkt. Belangrijke keuzes blijken vaak al eerder in het proces te worden gemaakt, bijvoorbeeld over kansrijke alternatieven of over het voorkeursalternatief. Goede milieuinformatie kan bij die keuzes van groot belang zijn. Een tussentijds advies van de Commissie kan helpen om deze keuzes te onderbouwen en hier draagvlak voor te krijgen bij de omgeving. We gaven zo'n tussentijds advies bijvoorbeeld bij Rivierklimaatpark IJsselpoort.

In 2019 verwachten we opnieuw veel adviseringen voor dijkversterkingen. Onze kennis en ervaringen willen we graag delen. Daarom maken we het komende jaar factsheets en casebeschrijvingen. Ook organiseren we een kennissessie gericht op het hoogwaterbeschermingsprogramma. Meer daarover vindt u op onze website.

Energietransitie: Vergeet landschap, leefomgeving en natuur niet

Jan Jaap de Graeff Jan Jaap de Graeff, plaatsvervangend voorzitter

'Ruimtelijke samenhang bij grote wind- en zonneparken en de kwaliteit van landschap en leefomgeving zijn cruciaal bij keuzes over energietransitie. Milieueffectrapportage helpt bij de onderbouwing van deze keuzes.'

Energietransitie

Het Klimaatakkoord, een veelbesproken onderwerp in 2018. Het akkoord draait om het halveren van de CO2-uitstoot in Nederland. Het aantal milieueffectrapporten opgesteld voor windturbineparken en netinfrastructuur daalde echter licht. Dit komt waarschijnlijk doordat veel procedures voor windenergie op land (2010) en het energieakkoord (2013) inmiddels zijn afgerond.

In 2019 wordt per regio in een regionale energiestrategie verkend hoe het halveren van de CO2-uitstoot kan worden gehaald en wat de consequenties zijn. Denk daarbij aan gewenste locaties en omvang van windparken, zonneweides en energie-infrastructuur en aan de rol van waterstof en geothermie. Het resultaat van die verkenningen wordt later vastgelegd in omgevingsvisies en omgevingsplannen. Wij pleiten ervoor nu al te starten met milieueffectrapportage. Met een milieueffectrapport vroeg in het proces beschikken de regio's tijdig over kwalitatief goede beslisinformatie waarbij verschillende opties goed met elkaar zijn vergeleken en de milieubelangen, zoals landschap, leefomgeving en natuur, zijn meegenomen. De beschikbare tijd is beperkt en de ervaring leert dat de informatie uit milieueffectrapportages één-op-één in de discussie over de omgevingsvisies en -plannen kan worden gebruikt. Begin 2019 brengen wij een factsheet uit over de meerwaarde van milieueffectrapportage bij regionale energiestrategieën.

Meer dijkversterkingen

Minder woningen en windparken

Bos

Nieuwe uitdagingen voor een gezonde leefomgeving

Tom Smit Tom Smit, plaatsvervangend voorzitter

'Een gezonde leefomgeving is meer dan alleen bescherming tegen negatieve effecten van milieuverontreiniging. Het gaat ook om een leefomgeving te bieden, die mensen stimuleert gezonde keuzes te maken in voeding en die ruimte biedt voor rust en beweging. Met milieueffectrapportage komen deze kansen goed in beeld.'

De Omgevingswet beoogt een gezonde fysieke leefomgeving en een goede omgevingskwaliteit. Het belang van gezondheid in ruimtelijke plannen wordt daarmee benadrukt en milieueffectrapportage speelt daarin een belangrijke rol. In het milieueffectrapport vragen wij niet alleen aandacht voor bescherming tegen negatieve effecten. We gaan verder en zoeken naar kansen voor een gezonde leefomgeving. Een groene omgeving met ruimte voor rust en recreatie, waar mensen elkaar rustig kunnen ontmoeten heeft een positief effect op de gezondheid. Ook kunnen kiezen voor gezond gedrag, zoals fietsen draagt bij aan de gezondheid.

Uiteraard liggen er nieuwe uitdagingen voor gezondheid, denk bijvoorbeeld aan de energietransitie, groei van de mobiliteit en stedelijke verdichting. De opgave om over te schakelen op een duurzame energievoorziening vraagt niet alleen ruimte, maar heeft ook impact op de leefomgeving. De effecten van grootschalige energieopwekking, transport, opslag en gebruik zijn nieuw en deels onbekend. Hier zal de komende jaren aandacht voor moeten zijn. Milieueffectrapportage biedt een zorgvuldig proces waarin alle belangen tot hun recht kunnen komen op basis van een evenwichtige presentatie van alle effecten op mens en milieu.

Vinger aan de pols

Marja van der Tas Marja van der Tas, plaatsvervangend voorzitter

'Om te kunnen (bij)sturen in langlopende ontwikkelingen wordt monitoring en evaluatie belangrijker. Het milieueffectrapport biedt hiervoor goede aanknopingspunten.'

Monitoring en evaluatie

Monitoren en evalueren is een belangrijk onderdeel van de beleidscyclus. Onder de Omgevingswet wordt dit nog belangrijker omdat de looptijd van plannen onbeperkt wordt en plannen flexibel ingevuld. Monitoring en evaluatie is in milieueffectrapportage van belang als het nog niet duidelijk is wat de milieueffecten zijn van een plan.

In 2018 adviseerde we als Audit Commissie weer over de monitoringsresultaten voor de aardgaswinning onder de Waddenzee. Terecht wordt geconcludeerd dat de bodemdaling als gevolg van de gaswinning beperkt is geweest en binnen de toegestane grenzen is gebleven. Wel adviseerden we het komend jaar te onderzoeken waarom de kluut en kanoet in het gaswinningsgebied achteruitgaan.

Ook adviseerden we over het monitoringsplan voor Haven-Stad Amsterdam. Bij zo'n grootschalige stedelijke ontwikkeling, die decennia gaat duren, speelt de vraag hoe ontwikkelingen tussentijds kunnen worden bijgestuurd. Wij dachten daarover mee. Een ervaring waar andere gemeenten ook zeker iets aan hebben.

In 2019 verdiepen we ons verder in dit thema met onder andere een kennissessie en kennisproducten.

Adviezen Internationaal

201842 m.e.r. adviezenin 20 landen capaciteitsontwikkeling
201744 m.e.r. adviezenin 22 landen capaciteitsontwikkeling
201638 m.e.r. adviezenin 13 landen capaciteitsontwikkeling
  • Landelijke activiteiten
  • Regionale activiteiten

Lees meer over onze adviezen

In het buitenland doen wij deels hetzelfde werk als in Nederland, zoals advisering over richtlijnen en toetsing van milieueffectrapporten. Echter daarnaast besteden wij een groot deel van onze tijd aan andere activiteiten zoals advisering over m.e.r. wet- en regelgeving, coaching van strategische m.e.r. processen, training van m.e.r. autoriteiten en NGOS's en screening van projectvoorstellen op lokale m.e.r. -plicht.

Onze expertise kan zowel op incidentele basis worden gevraagd danwel onderdeel zijn van meerjaren programma's

Nederlandse investeringen in het buitenland

Sinds een aantal jaren zijn wij ook actief betrokken bij Nederlandse faciliteiten ten behoeven van de hulp en handel agenda van het ministerie van Buitenlandse Zaken. Wij adviseren voor diverse faciliteiten zoals ORIO, DRIVE en D2B over de rol van m.e.r. in de projectvoorstellen, lokale m.e.r. -plicht en het te volgen m.e.r. proces.

Duurzaamheidsadvisering

Als onderdeel van het Sustainability Advice programme, kan het ministerie van Buitenlandse Zaken (waaronder de ambassades) ons vragen te adviseren over integrale duurzaamheidsvraagstukken. Bijvoorbeeld met betrekking tot coherentie van het buitenlandbeleid, of over milieu-, economische/sociale en institutionele duurzaamheid van specifieke programma's.

Uitbreiding werkveld met 6 landen:

Guinee, Irak, Jordanië, Libanon, Niger, Senegal

Haven

Strategisch m.e.r. voor olie en gas in Senegal: wordt dit een voorbeeld van verantwoorde winning?

Stephen Teeuwen Stephen Teeuwen, secretaris internationaal

'Dit strategische m.e.r. proces staat of valt met een goede samenwerking tussen onder andere de ministeries van energie en milieu. We hopen als coach hier zo veel mogelijk aan bij te kunnen dragen.'

Olie- en gas zo verantwoord mogelijk winnen? Ook Senegal krijgt hier de komende jaren mee te maken. Voor de kust zijn recent grote olie- en gasreserves gevonden. De ambitie om deze op verantwoorde wijze te ontwikkelen is hoog. Daarom zijn de ministeries van milieu en energie in 2018 begonnen met een milieueffectrapportage voor hun gehele offshore olie- en gaswinning. Dit wordt mede ondersteund door de Nederlandse ambassade. De Commissie is betrokken als coach en begeleidt beide ministeries bij hun samenwerking. Daarnaast adviseerden wij bij concrete projecten zoals de toetsing van het MER voor de Grand Tortue gaswinning op de grens tussen Senegal en Mauritanië.

Ethiopië: geïntegreerde besluitvorming op federaal en regionaal niveau

Gwen van Boven Gwen van Boven, secretaris internationaal

'In een land als Ethiopië waarbij grond- en watergebruik onder druk staat, is de integratie van milieu- en sociale overwegingen in besluitvorming essentieel.'

Ethiopie

Ethiopië is bezig met een decentralisatieproces waarin autonomie op regionaal niveau een belangrijke rol speelt. De Nederlandse ambassade investeert daarom in samenwerkingsrelaties met de regionale overheden. Het versterken van lokale besluitvorming door integratie van milieu - en sociale effecten van voorgenomen (Nederlandse) ontwikkelingen is één van de onderwerpen. In dit licht past ook de samenwerking tussen de Commissie en het regionale milieubureau van de provincie Amhara. Wij ondersteunen hen bij het versterken van scoping en toetsing in hun m.e.r. proces. Daarnaast helpen wij het (federale) ministerie van Water bij het toepassen van strategische m.e.r. voor geintegreerd en duurzame besluitvorming op het gebied van watermanagement.

Internationale afdeling 2018:

4 nieuwe medewerkers en

1 nieuwe plaatsvervangend voorzitter

Visser

Een grote dam met grensoverschrijdende effecten? Een goed m.e.r. is cruciaal

Tanya van Gool Tanya van Gool, plaatsvervangend voorzitter

'In complexe projecten met grensoverschrijdende effecten zoals de Fomi-dam is een transparant en participatief m.e.r. proces van groot belang. Duidelijkheid over verantwoordelijkheden en doelstellingen, het onderzoeken van alternatieven en effecten, én het betrekken van alle stakeholders, zorgt uiteindelijk voor weloverwogen besluitvorming met de minste kans op conflicten op een later moment.'

Guinee is al jaren bezig met plannen voor de ontwikkeling van de multifunctionele Fomi-dam in de rivier de Niger. Deze dam kan belangrijke consequenties hebben voor negen landen waar de rivier inclusief zijtakken door stroomt. Het beheer van de dam bepaalt bijvoorbeeld de mate van positieve en/of negatieve effecten in het buurland Mali. Een complex project dus. De Guinese overheid gaat voor de dam een m.e.r. uitvoeren en heeft de Commissie gevraagd om een advies over het scopingrapport. Essentieel voor dit m.e.r. is dat deze zowel de grensoverschrijdende effecten in kaart brengt, als participatie en draagvlak creëert voor de betrokken bevolkingsgroepen en overheden. Onze belangrijkste aanbeveling is dat voor het opstellen van het MER, de Guineese overheid in een vroeg stadium actief optrekt met de overheid van Mali en met de regionale organisatie voor het beheer van dit stroomgebied (de Niger Basin Authority). Zo kunnen eventuele misverstanden of verwachtingen die op een later moment tot conflicten kunnen leiden worden voorkomen.

Is de Nederlandse ondersteuning van olie- & gaswinning in Afrika coherent met afspraken klimaatakkoord van Parijs?

Sibout Nooteboom Sibout Nooteboom, secretaris internationaal

'Wil je duidelijkheid over coherentie van het buitenlandbeleid, dan is de eerste stap dat er een heldere interpretatie is van dit beleid. In de praktijk blijkt dit een complexe politieke opgave. Veel belangen spelen immers een rol.'

Olie- & gaswinning in Afrika

Kan de Nederlandse steun aan olie- en gaswinning in lage inkomenslanden coherent zijn met het internationale Klimaatakkoord van Parijs en de Sustainable Development Goals? En zo ja, onder welke voorwaarden? Deze vragen kregen wij voorgelegd vanuit het Ministerie van Buitenlandse zaken. We hebben een 4-stapsbeoordelingsmethode geadviseerd die kan worden ingezet bij concrete projectvoorstellen. Centraal in deze methode is dat er voldoende duiding van het Nederlandse buitenlandbeleid moet zijn. Wat betekenen (internationale) afspraken concreet? Is dit ergens vastgelegd? Als antwoorden op deze vragen onduidelijk blijven, zal het lastig zijn om coherentie vast te stellen.

Sinds 1 juli 2018 bestaat de
internationale afdeling van de commissie
25 jaar

25 jaar samenwerking

Rob Verheem Rob Verheem, directeur internationaal

'Het belang van een 'honest broker' in milieueffectrapportages ligt aan de basis van de samenwerking tussen het ministerie van Buitenlandse Zaken en de Commissie m.e.r.'

In 1993 ontstond een gesprek tussen het ministerie van Buitenlandse Zaken en de Commissie over het belang van milieueffectrapportage voor Nederlandse ontwikkelingssamenwerking. Het leidde tot de eerste samenwerkingsovereenkomst om de m.e.r.-praktijk in Nederlandse partnerlanden te versterken. Inmiddels zijn we zes overeenkomsten en 25 jaar verder en heeft het Ministerie het mogelijk gemaakt dat we meer dan 500 keer geadviseerd hebben met betrekking tot milieueffectrapportage en in meer dan 100 landen m.e.r.-capaciteit hebben gebouwd. En dat het enthousiasme om dat te blijven doen nog net zo groot is als in het begin. Dat vinden we reden voor een feest, dat we in 2019 samen gaan vieren.

Communicatie

Heleen Boerman Heleen Boerman, kennismanager Nederland

'Infographics en films lenen zich heel goed voor het uitleggen van ingewikkelde m.e.r.-onderwerpen.'

2.848 abonnees op de nieuwsbrieven

735 volgers op twitter

31 publicaties

61 presentaties

On- en offline dienstverlening

2018: Nieuwe website - Infographics - Films - Kennissessies - Factsheets - Cases

Een mooie nieuwe website ging in mei online. Na gebruikersonderzoek hebben we behouden wat gewaardeerd werd en verbeterd waar het kon en nodig was. Het resultaat is een fris en overzichtelijk aanbod van alle projecten, adviezen, kennisactiviteiten en -producten. In 2019 volgt de vernieuwde website van de internationale afdeling.

Afgelopen jaar verscheen ook onze 3-jaarlijkse Views and Experiences-publicatie met cases uit de Nederlandse en internationale praktijk. Met dit jaar onder meer cases over de energietransitie en een 'best practice'-m.e.r. voor havenontwikkeling.

Meer beeld en minder letters. Infographics maken het mogelijk ingewikkelde onderwerpen met tekeningen uit te leggen. Milieueffectrapportage leent zich hier bij uitstek voor. We maakten er verschillende in 2018 voor ons Nederlandse en internationale publiek. Begin 2019 verschijnt de infographic over m.e.r. bij omgevingsvisies. U vindt de infographics op de website.

Organisatie

Marianne Schuerhoff Marianne Schuerhoff, werkgroepsecretaris

'We compenseren al jaren de CO2-uitstoot van vliegreizen. Nu compenseren we ook woon-werkverkeer en zoeken we uit waar we het milieu nog minder kunnen belasten. Op weg naar CO2-neutraal.'

De CO2-uitstoot van de Commissie

Wat doet de Commissie aan duurzaamheid? In 2018 onderzochten we die vraag. Naast ons keurmerkbeleid, keken we ook naar onze CO2-uitstoot. In 2017 was deze ongeveer 166 ton, voor driekwart veroorzaakt door vliegreizen voor onze buitenlandse activiteiten. In navolging van de compensatie die we betalen voor de vliegreizen, gaat de Commissie de 'overige' CO2-uitstoot over 2017 én 2018 ook compenseren. In 2019 gaan we een stapje verder en onderzoeken we waar we minder uitstoot kunnen realiseren of waar we zelf energie kunnen opwekken, bijvoorbeeld door met andere huurders en de verhuurder van ons pand te overleggen.

39 werknemers130 deskundigen

19Nederland7 mannen12 vrouwen15,5 fte

15 Internationaal5 mannen10 vrouwen12 fte

5 Backoffice1 man4 vrouwen3.8 fte

111 Nederland

30 Internationaal

Organogram & overzicht van deskundigen

Financiën

uitgaven

€ 3.013.216 Nederland

€ 2.305.975 Internationaal DGIS/Buitenlandse Zaken

€ 197.167 Internationaal overig

Financiële verantwoording

Alle bedragen zijn in euro's

Nederland 2018 2017
Personeelskosten 1.784.475 1.778.145
Vergoedingen werkgroepen (projectkosten) 985.914 1.044.015
Afschrijvingskosten 13.963 15.637
Huisvesting 106.329 133.141
Kantoorkosten 21.107 23.799
Automatisering 45.683 61.719
Algemene kosten 55.745 57.368
Totale kosten 3.013.216 3.113.824
Rente en bijzondere baten -24.693 -20.250
Opbrengst binnenland -3.110.864 -3.252.275
Saldo 97.652 158.701
Aantal adviezen 144 168
Internationaal DGIS/Buitenlandse Zaken 2018 2017
Personeelskosten 1.389.341 1.116.423
Vergoedingen werkgroepen (projectkosten) 689.080 337.087
Afschrijvingskosten 20.714 17.383
Huisvesting 94.177 100.938
Kantoorkosten 16.152 14.137
Automatisering 45.583 40.317
Algemene kosten 28.082 15.522
Onvoorzien 22.846 0
Rente/bankkosten en bijzondere baten -546 460
Bijdragen overheid (BuZa, DGIS) -2.295.657 -1.630.306
Internationaal overig 2018 2017
Personeelskosten 130.272 105.135
Vergoedingen werkgroepen (projectkosten) 66.895 67.203
Opbrengst internationale adviezen -187.297 -263.477
Saldo -9.870 -91.139

Missie

De Commissie voor de milieueffectrapportage (m.e.r.) is een onafhankelijke adviescommissie van deskundigen. Zij adviseert overheden, nationaal en internationaal, over de kwaliteit van milieueffectrapportage. Zo wil zij een bijdrage leveren aan zorgvuldige besluitvorming. Haar uitgebreide kennis van m.e.r. stelt de Commissie beschikbaar voor iedereen.