1119. Structuurschema Regionale en Kleine Luchthavens (SRKL)

Het SRKL zal het nationale beleid bevatten voor de regionale en kleine luchthavens, inclusief het burgermedegebruik op de militaire luchthavens Eindhoven, Twente en De Kooy. Schiphol is geen onderdeel van het SRKL.     

Procedure en adviezen

Richtlijnen
05-09-2000 Datum kennisgeving
23-11-2000 Advies uitgebracht
Richtlijnen

Opmerkingen bij de advisering

Belangrijke onderdelen van het beleid in het SRKL betreffen het beleid ten aanzien van decentralisatie van de besluitvorming naar de provincies en beleid over de wijze waarop de beschikbare milieuruimte wordt begrensd. Het gaat hierbij om het definiëren van de standstill voor regionale en kleine luchthavens en daarop aansluitend de vormgeving van de ruimtelijke zones rondom regionale luchthavens. De standstill heeft betrekking op geluid, CO2 en veiligheid.

Daarnaast zal het SRKL zich richten op de volgende doelen:

  • het aangeven van het milieukader voor het burgermedegebruik van militaire luchthavens;
  • het formuleren van verbeteringsmogelijkheden en kansen gericht op de verbetering van de ruimtelijke kwaliteit;
  • het bieden van het kader voor de aanwijzingsbesluiten voor Lelystad fase 2 en Maastricht.

De Commissie heeft zich in het richtlijnenadvies voornamelijk gericht op het aangeven van de informatie die benodigd is voor het nemen van een besluit over standstill voor CO2, geluid en veiligheid. Zij adviseerde in het advies voor richtlijnen niet alleen aandacht te besteden aan de berekende hinder op grond van geluidhinder, maar ook aandacht te besteden aan de werkelijke hinder door middel van belevingsonderzoek. In de definitie van standstill zou op basis van het belevingsonderzoek een streefwaarde opgenomen kunnen worden voor het maximale aantal personen dat hinder mag ondervinden van de luchthavens. Met het oog op wijzigingen in het normeringstelsel voor Schiphol adviseert de Commissie voor de regionale en kleine luchthavens daarbij zoveel mogelijk aansluiting te zoeken. Ook de Europese Richtlijn voor geluidhinder, die in voorbereiding is, zal consequenties hebben voor de normering voor regionale en kleine luchthavens. De Commissie beveelt aan daarom het beleid niet alleen te toetsen aan de huidige wettelijke geluidmaten, maar ook aan nieuwe geluidmaten in de Europese regelgeving.

Betrokken partijen

Samenstelling van de laatste werkgroep

Werkgroeplid
dhr. dr.ir. M.M. Boone
dhr. drs. A.L. de Jong
dhr. dr. K. Leidelmeijer
dhr. drs. R.H.J. Mooren
mw. drs. W. Passchier-Vermeer
dhr. prof.dr. J. Thoen
dhr. capt. G.R. Vissers
dhr. prof.ir.drs. J.K. Vrijling

Voorzitter van de werkgroep: dhr. ir. N.G. Ketting
Secretaris van de werkgroep: dhr. drs. S.A.A. Morel

Initiatiefnemer en Bevoegd gezag

Initiatiefnemer
Ministerie van Defensie
Ministerie van Economische Zaken
Ministerie van Volkhv., R.O. en Milieubeheer
Rijkswaterstaat

Bevoegd gezag
Ministerraad

Overige gegevens

Gebied: Nederland, provincie Noord-Holland

Categorie├źn Besluit m.e.r.

Code Omschrijving
C06.1 tot 1-4-2011: Luchtvaartterrein met landingsbaan >= 1800m: aanleg, inrichting of gebruik

Bijgewerkt op: 10 jul 2018